Mijn school

Onderwijswoordvoerder Boris van der Ham (D66): ‘Onderschat het belang van goed onderwijs niet’

Tijdens de verkiezingsstrijd was D66 stellig: 2,5 miljard extra investeren in het onderwijs, de salarissen moeten omhoog en scholen en studenten moeten meer vrijheid en verantwoordelijkheid krijgen. Met de aangekondigde bezuinigingen lijken deze idealen in de ijskast te worden geplaatst. Hoe moet het nu met ons onderwijs? Een gesprek met onderwijswoordvoerder Boris van der Ham.

 

D66 profileert zich als DE onderwijspartij van Nederland.
D66 is een sociaal-liberale partij. De mens staat bij ons centraal. Je moet het beste uit jezelf kunnen halen, ongeacht waar je vandaan komt. Onderwijs is daarbij onmisbaar, eigenlijk de sleutel. Daarnaast is onderwijs de motor van onze economie. Investeren in onderwijs en kennis is investeren in de welvaart en de economische groei in Nederland. Geen enkele partij is tegen onderwijs. Toch zijn lang niet alle partijen bereid hun portemonnee te trekken. D66 is dat wel.

 

Wat vindt u van het niveau van het huidige onderwijs?
Het onderwijs in Nederland is, zeker in vergelijking met andere landen, van een zeer hoog niveau. Maar is het wel goed genoeg? We zakken steeds meer af op de internationale ranglijst. En hoewel dit maar een lijstje is, laat het wel zien dat we meer moeten investeren. Om onze welstand hoog te houden, moeten we slimmer zijn dan de andere landen. Nederland is een exportland van kennis. Kijk naar onze landbouw. De landbouw in Nederland is door onze hightech de beste van de wereld. Onze tomaten zijn lekkerder dan die van landen waar de zon veelvuldig schijnt. Om voorop te blijven lopen, moeten we blijven investeren in onze kennis. We hebben immers niet zoveel alternatieven. We hebben geen goud of kolen in de grond waarmee we onze welvaart kunnen bekostigen. Gelukkig maar. We zouden lui worden.

 

Kabinet Rutte wil fors bezuinigen. Investeren in het onderwijs lijkt hierdoor erg ver weg.
Bezuinigingen zijn onvermijdelijk. Wij willen ook bezuinigen maar vooral door de sociale zekerheid en de woningmarkt te hervormen. In onderwijs moeten we juist investeren. We proberen het kabinet zo ver te krijgen dat ze hun onzalige plannen met het onderwijs aanpassen. Maar ze zijn behoorlijk stug. Het gaat om de toekomst!

 

Hoe ziet onze toekomst er dan uit?
De komende jaren zullen veel docenten met pensioen gaan. Om deze te vervangen door goed opgeleide docenten, wordt een hele klus. Ook moet er meer aandacht komen voor achterstandsleerlingen. Verder moeten we investeren in onderzoek en wetenschap. Daar worden de nieuwe vindingen gedaan die we te gelde kunnen maken.

 

Met name het Passend Onderwijs lijkt het kind van de rekening te worden.
Het afgelopen jaar is fors geïnvesteerd in Passend Onderwijs, dat kun je nu niet zomaar terugdringen. Wel is het belangrijk dat kritisch wordt gekeken of alle leerlingen wel binnen het Passend Onderwijs gestald moeten worden. Maar ik ben er van overtuigd dat het merendeel van de leerlingen binnen het Passend Onderwijs ook eindelijk zijn plek heeft gevonden. Als we deze leerlingen nu niet voldoende aandacht en begeleiding geven, zitten we straks met de problemen. Veel leerlingen kunnen niet zonder deze vorm van hulp.

 

Maar het geld moet ergens vandaan komen.
Het onderwijsgeld kan vaak veel beter besteed worden dan nu wordt gedaan. Er wordt veel geld gestoken in grote besturen, maar is dit wel nodig? Of neem de maatschappelijke stages waarbij leerlingen voor zestig euro per persoon leren een verhaal te schrijven, om voor te lezen aan hun klasgenoten. Onzin! Dat moet gewoon bij de bestaande lessen gebeuren.

 

U zat in de Commissie Dijsselbloem, die concludeerde dat de overheid haar kerntaak, het borgen van de kwaliteit van het onderwijs, de afgelopen jaren ernstig heeft verwaarloosd.
Dat klopt. De politiek moet zich hier ook vandaag de dag nog veel van aantrekken. Wat willen we nou echt met het onderwijs? De maatschappelijke stages en de gratis schoolboeken hebben wat mij betreft geen prioriteit boven zorgleerlingen en de kwaliteit van onderwijs. De regering ziet dat helaas anders.

 

De Amsterdamse wethouder Asscher kreeg veel kritiek op zijn betoog voor verplichte zomerscholen om taalachterstanden weg te werken.
Zomerscholen bieden een groot aantal voordelen. Voor leerlingen met een kleinere spanningsboog is een vakantie van zes weken veel te lang. Een zomerschool, die de vakantie met twee weken inkort, helpt om de kennis paraat te houden zodat deze leerlingen niet wegzakken. In Den Haag heb ik een aantal zomerscholen bezocht. Het is heel roerend om te zien hoe gemotiveerd de kinderen hier bezig zijn om hun taalachterstanden weg te werken. Ze werken hier heel geconcentreerd aan hun toekomst. Daar kan toch niemand op tegen zijn?

 

Pleit D66 daarom ook voor voor- en vroegschoolse educatie?
Door jonge kinderen vanaf 2,5 jaar recht te geven op scholing, kunnen veel achterstanden eerder worden opgespoord en weggewerkt. Het is natuurlijk niet de bedoeling dat kinderen op deze leeftijd al in de schoolbanken zitten en als zesjarigen worden behandeld. Om kwakzalverachtige dingen te voorkomen moet er meer pedagogische scholing zijn voor de docenten van dit soort jonge leerlingen. Bovendien pakken we op deze manier gelijk de problemen in de kinderopvang aan.

 

Hoe ziet volgens u de ideale leraar eruit?
Iedere leraar dient gezagsvol te zijn op zijn kennis. En hij of moet pedagogisch sterk zijn. Hij moet iedere leerling maatwerk kunnen geven. Ideaal is het om op iedere school verschillende type leraren te hebben: van een enthousiaste jongeling en een strenge veertiger tot een oude, goedmoedige frik. Het is belangrijk dat een leerling tijdens zijn schooltijd veel ‘soorten’ volwassenen tegenkomt. Dat iedereen op elkaar moet lijken, is echt een verkeerd uitgangspunt.

 

Vindt u dat dit nu het geval is?
Je ziet soms dat het docentencorps is een keurslijf wordt gestopt. Maar als de kwaliteit deugt, als zijn resultaten goed zijn, dan is dat toch voldoende? Dat de ene leraar getutoyeerd wil worden en Sebastiaan of Margriet wil worden genoemd, terwijl de ander meester of juf prefereert, dat is toch prima? Ik had vroeger een docent Engels die ontzéttend van het stampwerk, van het rijtjes leren was. Hij was streng, niet spannend en erg voorspelbaar. En ik had een leraar die veel losser was, die prachtige verhalen kon vertellen. Van beiden heb ik veel geleerd.

 

In het basisonderwijs werken relatief weinig mannen. Zit dit de diversiteit niet in de weg?
Ja en nee. Dat er veel vrouwen in het onderwijs werken, is geen onoverkomelijk probleem. Ook onder vrouwen zit een grote diversiteit, van heel lief en zorgzaam, tot stoer of heel streng. Wel vind ik het jammer dat maar weinig mannen zich geroepen voelen om in het basisonderwijs aan de slag te gaan. De samenleving bestaat immers uit mannen en vrouwen. Het onderwijs zou daar een weerspiegeling van moeten zijn.

 

Hoe kan het onderwijs aantrekkelijker gemaakt worden voor mannen?
Door het onderwijs op een goede manier te verzakelijken. Door hardere eisen aan de scholing te stellen. Dat heeft een aanzuigende werking voor mannen. Vroeger werkten er veel meesters in het onderwijs, maar door de jaren heen is de leraar veel autonomie ontnomen. Voor veel mannen was dit de reden om uit het onderwijs te stappen.

Is de salariëring niet juist het probleem voor veel mannen?
Het onderwijs staat niet bekend om zijn hoge salarissen. Hetzelfde geldt voor werken bij de politie, maar daar werken wel veel mannen. Als je puur voor het geld werkt, moet je niet in het onderwijs aan de slag gaan. Je zult er geen grote villa van kunnen bekostigen. Het is voor scholen onmogelijk om duizenden euro’s meer te besteden aan salarissen, maar als leraar mag je wel zien dat je inzet gewaardeerd wordt.

 

Bent u voor beloningsdifferentiatie?
Ja. In Finland zie je dat veel docenten academisch geschoold zijn. Dat hoeft voor mij in Nederland niet, maar ik denk dat het geen overbodige luxe is wanneer een aantal leraren zich verdiept in pedagogische en didactische principes. Zo ontstaat een goede mix tussen uitvoerende leerkrachten en leerkrachten die de leerstof verder ontwikkelen. En doe je specialistischer werk? Dan mag daar zeker iets tegenover staan.

Wat herinnert u zich nog van uw eigen basisschooltijd?
Ik heb mijn basisopleiding genoten op de Pieter de Graafschool in Nieuwkoop, een hele goede school waar veel vrijheid was, maar ook op z’n tijd klassiek onderwijs werd gegeven. Soms kom ik nog leraren uit die tijd tegen. Speciale herinneringen heb ik aan mevrouw Van Muiden en mevrouw Van den Berg, uit de eerste en tweede klas. Dit waren twee hele chique dames, waar ik in die tijd smoorverliefd op was. Vooral op mevrouw Van den Berg, zij was altijd prachtig bruin en droeg een opvallende parelketting. Ik herinner me nog het leren van de tafels. Die werden op een strakke, kordate, bijna ouderwetse manier opgedreund. Ik ben ze nooit meer vergeten.

 

Zijn er dingen van toen die je terug zou willen zien in het onderwijs anno nu?
Mijn basisschool kende een grote diversiteit aan leraren. Jong, oud, man, vrouw… op sommige basisscholen nu mis ik die diversiteit wel een beetje. De kleur/toon mag hier wel wat veelzijdiger. Schoolbesturen zijn vaak op zoek naar een leraar die lijkt op wat ze al in huis hebben. Dat is zonde, al moet je natuurlijk ook niet overdrijven in je zoektocht naar ‘ander’ onderwijspersoneel: ‘Sorry, we hebben al iemand met een parelketting’.

 

CV Boris van der Ham
Boris van der Ham wordt op 29 augustus 1973 geboren in Amsterdam. Hij groeit op in Nieuwkoop, waarna hij naar Amsterdam trekt voor zijn geschiedenisstudie aan de Hogeschool van Amsterdam. Later verhuist hij naar Maastricht, waar hij de Toneelacademie doorloopt.
Van der Ham is sinds zijn vijftiende politiek actief bij de Jonge Democraten, de jongerenorganisatie van D66. Ook is hij actief bij lokale afdeling van D66 in Nieuwkoop. Tussen 1998 en 2000 is hij landelijk voorzitter van de Jonge Democraten, in 2000 organiseert hij een grote demonstratie tegen de uitwassen van het Studiehuis. Ook werkt hij een periode als medewerker in het Europees Parlement en de Tweede Kamer.
In 2002 wordt Van der Ham in de Kamer gekozen, hij wordt herkozen in 2003, 2006 en 2010. Tussen april 2007 en mei juni 2008 is hij lid van de Parlementaire Onderzoekscommissie, de Commissie Dijsselbloem, die onderzoek doet naar de kwaliteit van het Nederlands onderwijs. Vanaf 2010 is Van der Ham onder meer woordvoerder op Onderwijs en Kennis, Cultuur en Media en drugsbeleid en is hij voorzitter van de Commissie Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.


reacties

Pulse Primair Onderwijs

Ontvang gratis Pulse Primair Onderwijs Magazine als directie of bestuur!

Schrijf u in voor de gratis Pulse Primair Onderwijs nieuwsbrief.

Volg Pulse Primair Onderwijs op Twitter.

 
 

 

Privacystatement - Algemene voorwaarden - Copyright - Disclaimer

Tips & Tools

Hoe kan een leraar ict integreren in het onderwijs?
De Onderzoeksreekspublicatie ‘Maak kennis met TPACK’, zoomt in op één randvoorwaarde van het Vier in Balans Model van Kennisnet, ‘deskundigheid’. Ict-competente leraren zijn deskundig op drie gebieden: vakinhoud, didactiek en ict. In de (Engelstalige) literatuur wordt dat ook wel aangeduid als TPACK: Technological Pedagogical Content Knowledge. De studie laat goed zien wat er allemaal nodig is om leraren adequaat voor te bereiden op het gebruik van ict. Tegelijkertijd onderstreept de studie de sleutelrol van de leraar om met behulp van ict de productiviteit en kwaliteit van het onderwijs te kunnen verbeteren. Voor meer informatie: download of bestel ‘Maak kennis met TPACK’ uit de Onderzoekreeks, www.kennisnet.nl
 

 

Stelling van de week

Eerst een plezierplan, dan pas een zorgplan
Pabo-directeur Taeke van den Akker, De Kempel (Helmond):"Een startbekwame leraar moet zich ergens op focussen, anders ziet hij door de bomen het bos niet meer. We leveren een prima leerkracht af, die de basis beheerst. In die basis moet hij niet te snel met allerlei zorgbegrippen worden geconfronteerd. Ik vind daarom dat hij geen zorgplan maar een plezierplan moet maken. Eerst moeten onze studenten betrokken onderwijs hebben weten te realiseren. Als je dat in je vingers hebt en je hebt ervan genoten dan heb je ongetwijfeld ook die kinderen gezien die op een andere manier de stof aangeboden moeten krijgen en een andere aanpak nodig hebben. Eerst moet je leren op een juiste manier te interacteren met leerlingen, zonder gehinderd te worden door allerlei zaken met betrekking tot afwijkend gedrag." Het hele interview kunt u lezen in Pulse Primair Onderwijs van september.
 

Prima school

 

Wij stellen uw mening en bijdragen zeer op prijs. Zo ontstaat een dynamische en waardevolle website die andere leerkrachten en directies stimuleert om schoolontwikkeling en integrale kwaliteitszorg nog voortvarender aan te pakken. Mail naar: info@pulseprimaironderwijs.nl

 

Uitgelicht

 

Nieuw in onderwijs

Nieuw in management